Ieder kind leert in zijn eigen tempo praten. Maar soms is het goed om even mee te laten kijken. In deze gids lees je welke signalen ertoe doen, wat normaal is bij meertalige kinderen en waar je terechtkunt.
Wat is normaal rond 3 tot 6 jaar?
Het consultatiebureau let er rond de derde verjaardag op of een kind zinnen van drie of meer woorden maakt, en of het voor anderen grotendeels verstaanbaar is. Daarna groeit dat snel: de zinnen worden langer, en steeds meer mensen buiten het gezin begrijpen je kind.
Sommige klanken komen pas later. Veel kleuters hebben nog moeite met de r of met combinaties als "str" en "spr". Dat is op deze leeftijd meestal geen reden tot zorg.
Signalen om het te laten checken
- Rond 3 jaar nog geen zinnetjes van drie woorden, of nog bijna niets zeggen.
- Mensen buiten het gezin begrijpen je kind meestal niet.
- Je kind begrijpt eenvoudige vragen of opdrachten niet goed.
- Je kind raakt gefrustreerd of stil omdat het zich niet verstaanbaar kan maken.
- Je kind stottert vaak en lijkt er last van te hebben.
- Je twijfelt of je kind goed hoort, bijvoorbeeld na veel oorontstekingen.
Eerst het gehoor
Bij zorgen over praten wordt vaak eerst het gehoor gecontroleerd. Een kind dat slecht hoort, kan klanken ook moeilijk nazeggen. Vraag het consultatiebureau of de huisarts ernaar.
Meertalig: let op beide talen
Een kind dat thuis een andere taal spreekt en pas op de opvang of school Nederlands hoort, zegt in het Nederlands vaak een tijd weinig. Dat is normaal en zegt nog niets over een taalprobleem. Het belangrijkste is hoe je kind in de thuistaal praat.
- Praat je kind in jullie thuistaal goed en past het bij zijn leeftijd? Dan is het Nederlands waarschijnlijk vooral een kwestie van tijd en oefenen.
- Heeft je kind in beide talen moeite, of ook in de thuistaal? Dan is het verstandig om mee te laten kijken.
- Vertel de logopedist altijd welke talen je kind hoort en hoe het in de thuistaal praat. Dat helpt bij een goed oordeel.
Begrijpt je kind Nederlands, maar zegt het nog weinig? Lees wat je thuis kunt doen →
Waar kun je terecht?
- 1Het consultatiebureau of de jeugdarts van de GGD: zij kunnen meekijken en zo nodig doorverwijzen.
- 2De huisarts: ook voor een verwijzing naar een audiologisch centrum als het gehoor gecontroleerd moet worden.
- 3Een logopedist: in Nederland kun je vaak ook zonder verwijzing terecht. Logopedie wordt voor kinderen meestal vergoed vanuit de basisverzekering. Check dit bij je zorgverzekeraar.
- 4De school: de leerkracht van groep 1 of 2 merkt vaak ook wat op en kan met je meedenken.
Twijfel je? Vraag het gewoon
Je hoeft niet te wachten tot je zeker weet dat er iets is. Een korte check stelt vaak gerust, en als er wel iets speelt, ben je er vroeg bij.
Bronnen
- JGZ-richtlijn Taalontwikkeling: signaleringsoverzicht
- Maasstad Ziekenhuis: logopedie bij taalstoornis en meertaligheid
- Universiteit Utrecht: Een thuis vol taal
Deze gids is algemene informatie en geen medisch advies. Maak je je zorgen over de taalontwikkeling van je kind? Neem contact op met het consultatiebureau of de huisarts.
